Je ziet het in kleine momenten op de werkvloer. Een bewoner hoeft niet meer te wachten. Een medewerker hoeft geen collega te zoeken. De rust keert terug. Hoe? Medewerkers zonder zorgdiploma voeren nu handelingen uit zoals zwachtelen, medicatieverstrekking of stomazorg. Tegelijk zijn medewerkers mét zorgdiploma bewuster bezig met hun eigen kennis en vaardigheden. Voor Maud Peeters, teamleider bij Camillus, is dat precies waar Bekwaam is Inzetbaar over gaat.
“Het draait niet alleen om papieren, maar om wat jij kunt”
Eigen verantwoordelijkheid voorop
“Het gaat er niet om wat er op je diploma staat”, vertelt Maud. “Het gaat erom of je deze handeling vandaag goed kunt doen.” Bekwaam is Inzetbaar betekent dat de verantwoordelijkheid bij de medewerker ligt. Je kijkt zelf wat je nodig hebt om je kennis en vaardigheden op peil te houden. Niet volgens een vast schema, maar passend bij je dagelijkse werk. “Wie een handeling elke dag uitvoert, leert op de werkplek. Dan voelt het vreemd om daar elke drie jaar verplicht scholing voor te volgen. Daarom kiezen we nu voor scholing op maat.”
Onzekerheid mocht er zijn
In de zomer van 2025 startte haar team met deze manier van werken. Dat deed ze bewust stap voor stap. Eerst uitleg, daarna gesprekken met het hele team en individueel. “Het riep veel vragen op”, vertelt ze. “Sommige collega’s hadden er buikpijn van. Wat betekent het voor mijn vak? Wie is verantwoordelijk? Wat als het misgaat? Die onzekerheid mocht er zijn. Door het tijd te geven en het gesprek aan te gaan, ontstond vertrouwen.”
Scholing in specifieke handelingen
Voor de start werkte het team al met anders geschoolde collega’s. Zij leerden veel in de praktijk, maar mochten bepaalde handelingen niet uitvoeren. “Dan moest er altijd een andere collega komen”, vertelt Maud. “De bewoner moest wachten en de medewerker ook. Dat voelde voor niemand goed.” Met Bekwaam is Inzetbaar krijgen medewerkers de ruimte om zich te scholen in specifieke handelingen die zij echt uitvoeren. Als teamleider bewaakt Maud daarbij de kwaliteit. Ze kijkt naar incidentmeldingen en signalen uit het team. “Ruimte geven betekent niet loslaten”, vertelt ze. “Ik blijf scherp en stuur bij als dat nodig is.” Die balans hoort bij haar rol.
Er is meer rust in het team
Het effect is volgens Maud duidelijk zichtbaar. Bij de medicatieverstrekking in de kleinschalige woningen bijvoorbeeld. “Eerder deed één zorggeschoolde collega dat voor twee woningen. Bewoners bleven soms alleen. Dat gaf stress. Nu dragen meer collega’s deze verantwoordelijkheid. Je merkt direct dat er meer rust is.” Ook bij het zwachtelen ziet ze verschil. Een medewerker vroeg zelf om scholing. Daarna sprak een bewoner Maud aan: ‘Zo fijn dat dit ‘maedje’ dit bij mij mag doen’. Dat moment typeert voor haar wat deze manier van werken oplevert.
Bewoner moet zich prettig voelen
Het eigenaarschap in het team is gegroeid. Medewerkers kijken mee, geven feedback, leren van elkaar en spreken elkaar aan. Die manier van werken gaat twee kanten op. “De verpleegkundige met dertig jaar ervaring kijkt anders dan iemand zonder zorgachtergrond”, vertelt Maud. “Juist die wisselwerking maakt ons scherper. We stellen elkaar vragen. Waarom doe je dit zo? Kan het ook anders? Dat helpt ons allemaal vooruit. Dáár zit voor mij de kern. Werken in de zorg draait niet alleen om papieren, maar om wat jij kunt. En om hoe we samen met de naasten en vrijwilligers zorgen dat de bewoner zich goed en prettig voelt.”